Hockey in dierentaal voor de jongste jeugd
Hoe je de dierentaal gebruikt
Gebruik de dierennamen tijdens de training en de wedstrijd. Dieren beschrijven gedrag en geen vaste plek, dus laat elk kind alle rollen uitproberen. De rollen groeien mee: bij O8 globaal, bij O9 bewuster, bij O10 specifieker.
Een dier betekent in elke categorie hetzelfde. Wie bij O8 tijger was herkent zichzelf bij O10 terug, ook al is het veld dan groter en staat er een spits voor haar.
O8: drie tegen drie in het kommetje
O8 speelt in het kommetje: één verdediger achterin en twee aanvallers voorin, links en rechts. Geen keeper en geen middenvelder. Iedereen raakt de bal veel en leert vrijlopen en samenspelen.
Tijgers zijn snel, alert en gaan voor het doel. Twee tijgers werken als een duo: de ene valt aan, de ander staat klaar. Avontuurlijk maar altijd samen, net zoals aanvallers links en rechts elkaar aanvullen.
- Loopt vrij aan de eigen kant richting het doel
- Combineert met de andere tijger of schiet zelf
- Bij balverlies: direct druk zetten op de bal
“Wij gaan samen voor het doel, links en rechts!”
De hond is trouw en alert. Een hond bewaakt zijn territorium, gaat niet zomaar weg van zijn plek én loopt mee als het team hem nodig heeft. Precies wat een verdediger doet.
- Houdt positie tussen bal en eigen doel
- Speelt rustig door naar een tijger bij balbezit
- Sluit mee aan bij aanval als er ruimte is
“Ik bewaak ons terrein, en daarna speel ik door!”
Coachtip: wissel elk kind door beide tijgerposities én de hond. Op dit kleine veld doen alle drie de spelers mee aan aanval en verdediging, dus een vaste middenvelder is niet nodig.
O9: zes tegen zes in de dobbelsteen
Bij O9 verschijnt voor het eerst een keeper, en het team speelt in de dobbelsteen: twee verdedigers, één middenvelder en twee aanvallers. De vijf plekken zijn helder verdeeld, maar kinderen wisselen nog door alle rollen.
De neushoorn is robuust en houdt stand. Moeilijk te passeren en kalm onder druk. Op het veld bouwt de neushoorn ook mee op: geen statische keeper maar een actieve achterspeler.
- Verdedigt het doel bij schoten
- Speelt rustig in op de honden bij opbouw
- Blijft kalm en geeft aanwijzingen aan verdedigers
“Ik sta er als een rots, niemand komt er voorbij!”
De honden zijn trouw en alert. Een hond bewaakt zijn territorium, gaat niet zomaar weg van zijn plek én loopt mee als het team hem nodig heeft. Twee honden flankeren het doel, elk verantwoordelijk voor hun eigen zijkant.
- Bewaakt de eigen flank en bouwt op via de zijkant
- Zet de passlijn dicht bij balverlies
- Sluit aan bij aanvallen maar keert snel terug
“Jij komt hier niet langs, en daarna val ik mee aan!”
De adelaar zweeft boven alles, ziet het hele veld en reageert snel. Vanuit het midden verbindt de adelaar achter en voor: altijd overzicht, altijd aanspeelbaar.
- Staat in het midden en verdeelt het spel
- Speelt tijgers diep in of kaatst terug naar hond
- Vult het midden direct bij balverlies
“Ik zie alles. Hond, vrij! Tijger, diep!”
De tijger is snel en sluipt slim langs de zijkant. Wacht op het juiste moment en slaat dan toe. Twee tijgers werken samen: de één loopt diep, de ander staat klaar voor de teruglegger.
- Vrijlopen aan de buitenkant richting achterlijn
- Afronden: push, tip-in of terugleggen naar adelaar
- Bij balverlies: passlijn blokkeren en druk zetten
“Langs de zijkant sluip ik, en dan: BAM!”
Coachtip: de adelaar blijft in het midden en zakt niet mee terug met de honden. Let op de 10-meterlijn: scoren mag alleen na een aanraking in het 10-metergebied.
O10: acht tegen acht in K-3-1-3
O10 groeit naar acht tegen acht op een half veld. Nieuw zijn de middenachter, de derde verdediger in de as, en de middenvoor. De formatie vraagt samenwerking tussen de linies. Ook nieuw is de shoot-out bij een verdedigende overtreding in de cirkel.
De neushoorn is nu keeper met volledig keepersequipment. Robuust, onwrikbaar en kalm. Stuurt de verdedigingslinie aan en start de opbouw.
- Schoten en pushes stoppen in de cirkel
- Verdediging aansturen en organiseren
- Opbouwen via korte pass op de honden of giraf
“Ik bewaar de rust achter, niemand door mijn deur!”
De honden beschermen de flanken. Rustig en betrouwbaar. Samen met de giraf vormen ze een stabiele verdedigingslinie van drie.
- Bewaakt de eigen flank en bouwt op via de zijkant
- Geeft giraf en spin een veilige terugspeeloptie
- Sluit mee langs de flank, keert daarna snel terug
“Ik ben jouw veilige kaats, en daarna ren ik mee!”
De giraf heeft de langste nek ter wereld en ziet daardoor het verst. Als middenachter staat de giraf centraal in de verdedigingslinie: overzicht bewaren, de as afsluiten én de opbouw starten.
- Staat centraal in de verdedigingslinie en bewaakt de as
- Onderschept ballen door het midden en speelt rustig op
- Geeft aanwijzingen aan de honden en neushoorn
“Ik zie alles, door het midden komt niemand!”
De spin zit in het midden van een web dat alle kanten uitreikt. De middenvelder verbindt verdediging met aanval, staat altijd aanspeelbaar en zorgt dat het web dicht blijft bij balverlies.
- Verdeelt het spel vanuit het midden
- Speelt tijgers diep in of kaatst op hond of giraf
- Houdt het midden dicht bij balverlies
“Mijn web raakt alles, ik zie altijd wie vrij staat!”
De tijgers spelen op de flanken van de aanval. Snel, explosief en altijd op de goede plek. Ze sluipen langs de lijn, creëren diepte en zorgen voor voorzetten naar de vos.
- Vrijlopen langs de flank richting achterlijn
- Voorzetten, terugleggen of direct afronden
- Pressing hoog bij balverlies, passlijn blokkeren
“Langs de lijn is mijn terrein, en dan raak ik af!”
De vos is slim, behendig en razendsnel van geest. Als middenvoor loopt de vos centraal vrij voor het doel en maakt slim gebruik van kansen die de tijgers creëren. Vossen wachten op het perfecte moment.
- Loopt slim vrij centraal voor het doel
- Combineert met tijgers en spin voor de afronding
- Zet de eerste pressing in bij balverlies, hoog op het veld
“Ik wacht op mijn moment, en dan ben ik er als de kippen bij!”
Coachtip: de giraf is de nieuwe asbewaker van de verdedigingslinie. De shoot-out is ook nieuw, dus oefen die situatie los op de training zodat spelers weten wat ze moeten doen.
Alle dieren op een rij
| Categorie | Formatie | Keeper en verdedigers | Middenveld | Aanval |
|---|---|---|---|---|
| O8 | 1 verdediger en 2 aanvallers | Hond | — | Tijger links + Tijger rechts |
| O9 | K-2-1-2 | Neushoorn (keeper) + Hond links + Hond rechts | Adelaar | Tijger links + Tijger rechts |
| O10 | K-3-1-3 | Neushoorn (keeper) + Hond LA + Giraf MA + Hond RA | Spin | Tijger LV + Vos MV + Tijger RV |
Tips voor de coach
Roep de naam tijdens training en wedstrijd. 'Giraf, bewaar je positie!' werkt beter dan 'middenachter'. Kinderen verbinden de naam direct met het gedrag.
Geen vaste posities: elk kind speelt alle dierenrollen in de loop van het seizoen. Dat vergroot veelzijdigheid en begrip voor het teamspel.
Een tijger mag terugkomen, een hond mag mee aanvallen. Zolang het diergedrag herkenbaar is, is het goed.
De kreten zijn voor de kinderen geschreven. Hang ze op of lees ze voor. Kinderen die 'hun dier' herkennen zijn meer betrokken.
Met Stickoff
Bij O8, O9 en O10 kun je de dierenopstelling kiezen in plaats van de gewone formatie. Dan staan de dieren op het veld en op het blad dat je meeneemt, en ziet een speler haar eigen dier terug op de gedeelde opstelling. Het zijn dezelfde plekken als in de gewone formatie, dus je statistiek loopt door.
Verder lezen: speelvormen en speeltijden en opstelling maken. Gratis account: stickoff.nl/registreren.